Patiëntenservice
Hyposensibilisatie
-
Inleiding
Allergie is een reactie van het lichaam op bepaalde prikkelende stoffen (allergenen), waarbij het afweersysteem is betrokken. De vorming van antistoffen speelt hierbij een belangrijke rol. Iemand die aanleg heeft voor allergie zal door regelmatig contact met een bepaalde stof antistoffen aanmaken. Nieuwe blootstelling daaraan kan leiden tot allergische reacties. Deze komen voor in de huid, op KNO-terrein (niezen, kriebel, tranende ogen) en in de longen (kortademigheid: astma). Bekende stoffen die allergische reacties kunnen veroorzaken zijn pollen (berkenpollen in het voorjaar en graspollen in de zomer), dieren (kat, hond, cavia, paard en vele andere) en huisstofmijt. Op voedselallergie wordt hier niet ingegaan.
-
Onderzoek
Bij verdenking op allergie zullen onderzoekingen worden gedaan om allergie aan te tonen. Dat onderzoek kan bestaan uit bloedonderzoek en huidallergietesten.
-
Voorkomen/behandelen allergie
De behandeling van allergie bestaat allereerst uit het zoveel mogelijk vermijden van contact met stoffen waarvoor iemand allergisch is. Hierover worden uitgebreide adviezen gegeven door longarts en longconsulent. Ook zijn folders te krijgen in het Service- en Informatie Centrum van het ziekenhuis. Daarnaast zijn er medicijnen, die de reactie van het lichaam op de allergische stoffen verzwakken. Dit kunnen tabletten zijn of medicijnen die worden ingespoten in de neus, gedruppeld in de ogen of ingeademd: afhankelijk van de klachten en de bevindingen bij het onderzoek. Als de allergenen niet (geheel) te vermijden zijn, zoals huisstofmijt en berken- en graspollen, is de meest basale behandeling die kan worden gegeven de hyposensibilisatie, d.w.z. het minder of ongevoelig maken voor het allergeen. Omdat de resultaten in het algemeen goed zijn bij de allergenen, waarvoor wordt gehyposensibiliseerd (helaas: garantie is niet te geven), kan het de moeite waard zijn de tijdsinvestering te doen met het oog op de toekomst.
-
Hoe gaat de hyposensibilisatie in zijn werk?
Er zijn twee mogelijkheden. Welke van de twee behandelingen voor u het meest geschikt wordt met u besproken door de longarts. Allereerst kunnen druppeltjes onder de tong worden genomen; dat gaat volgens een bepaald schema. Daarnaast gebeurt het door middel van injecties onder de huid van de bovenarm. Daarbij worden kleine, aanvankelijk oplopende hoeveelheden van het allergeen ingespoten. In het begin vindt de behandeling ??n maal per week plaats in het ziekenhuis (instelfase van ongeveer 4 tot 8 weken), daarna ??n maal per vier weken (onderhoudsfase): in het ziekenhuis of door de huisarts. De totale behandeling duurt voor beide mogelijkheden in principe 4 jaar, maar -afhankelijk van het resultaat- kan deze tussentijds worden gestaakt of langer worden voortgezet. Na een jaar moet een gunstig resultaat te bemerken zijn. Het doel is, dat men na de behandeling klachtenvrij is en minder of geen medicijnen meer hoeft te gebruiken.
-
Mogelijke reacties
De druppeltjes kunnen enige irritatie in de mond op de plaats van de injectie, die steeds wordt afgewisseld, wordt de huid rood en kan een zwelling ontstaan, die een dag of langer kan blijven bestaan. Algemene reacties kunnen optreden, zoals hooikoorts en kortademigheid. Wanneer de injectie niet op de juiste wijze wordt gegeven kan zelfs een algemene reactie met bloeddrukdaling optreden. In een dergelijk geval moet een tegen-injectie worden gegeven. In verband met deze mogelijke reacties moet men steeds een half uur na de injectie in de wachtkamer wachten. Wanneer men niet in een optimale conditie is (b.v. griep heeft) is het beter de injectie een week uit te stellen.
-
Korte samenvatting bezoek
De druppeltjes kunnen thuis worden ingenomen.
Bij de injecties:
aanvankelijk 1x per week (ziekenhuis), later 1x per 4 weken (ziekenhuis of huisarts)
er wordt elke keer gevraagd hoe het is (gegaan)
dan wordt beslist hoeveel hyposensibilisatie-vloeistof wordt ingespoten
na de injectie wacht u een half uur, waarna de reactie wordt afgelezen
-
Heeft u nog vragen?
Stel ze voor het onderzoek en bel eventueel de longpolikliniek.